De pensioenmalus berekenen op basis van het geboortejaar is maar een van de vele werkhypotheses die op de tafel liggen in het kader van de pensioenhervorming. Dat zegt het kabinet-Jambon woensdag in een reactie op een lek in verschillende kranten.
Verschillende kranten schrijven woensdag dat het percentage van de malus voortaan zou afhangen van het geboortejaar. Wie tussen 1961 en 1963 geboren is zou 2 procent verliezen per jaar dat hij of zij te vroeg stopt. Wie tussen 1964 en 1972 geboren is, zou 4 procent verliezen en wie vanaf 1973 geboren is, verliest 5 procent.
Het kabinet-Jambon laat echter weten dat het gaat om een van de werkhypotheses die op tafel liggen samen met andere hypotheses om mensen langer te laten werken. "We hebben vastgesteld dat er manieren zijn om aan de malus te ontsnappen. De doelstelling is dan ook om te vermijden dat mensen geprikkeld worden om vervroegd op pensioen te gaan."
Welk voorstel uiteindelijk wordt afgeklopt, is nog niet duidelijk, aldus de woordvoerder nog. "Alles verschuift nog de hele tijd. Er vinden permanent interkabinettenwerkgroepen plaats en voor elke hypothese wordt de impact berekend." Zo kan het niet dat de pensienmalus vrouwen harder treft dan mannen, zoals de Studiecommissie voor de Vergrijzing eerder al opperde.
Een ding is wel al duidelijk, klinkt het nog. "De eindversie zal nooit verder gaan dan het regeerakoord."
Het regeerakkoord voorziet dat het pensioenbedrag vanaf 2026 wordt verminderd met een malus van 2 procent (tot 2030), 4 procent (tot 2040) en 5 procent (vanaf 2040) per jaar vervroegde uittrede voor de wettelijke leeftijd, indien de gepensioneerde aan de loopbaanvoorwaarde voor vervroegd pensioen voldoet, maar niet aan 35 loopbaanjaren van 156 dagen met effectieve arbeidsprestaties en 7.020 effectief gewerkte dagen.
2025-07-16T07:16:53Z